Kolja. Als de opera beter is dan het boek.


Muziek: 4,5*
Regie 5*

KOLJA

Kolja, de opera

Toen wij onze pers-invitatie voor Kolja ontvingen en wij ons ter zake oriënteerden, bloeide een vraag in onze denkwereld op. Is Kolja wel een opera? In de documentatie wordt het woord “muziekvoorstelling” frequent genoemd, en het woord “opera” maar heel, heel zelden. Een dilemma, wij heten  immers niet Muziekvoorstelling Gazet! Het besluit om toch naar de première in Breda af te reizen werd genomen op basis van onze ruimhartigheid en liberale opvattingen over het concept “opera” én op basis van onze positieve levenshouding in het algemeen.  Wie van mening is dat elk muziek- en/of zang-genre in een hokje moet passen, is bij ons absoluut aan het verkeerde adres. Wij togen naar Breda wat op zichzelf al van vergevingsgezindheid en medemenselijke comfort-wegcijfering getuigt.

Ja, men dient zich te oriënteren  en te documenteren, te beginnen met de dramatis personae. Componist van Kolja is meester-arrangeur en componist Bob Zimmerman, die ooit zijn medewerking verleende aan “Così fan tutte voor de jeugd”. Ik bespaar u de details (rappers!) van deze halsmisdaad. Nooit iets voor “de jeugd” bewerkstelligen, dat houdt ze van hun huiswerk! Van Zimmerman is, naar verluidt, de uitspraak “als de mensen niet huilen, hebben we het niet goed gedaan”.   Ik zou het omgekeerde willen beweren. En ik ben daarin niet alleen: toen een mevrouw na Mahler 2 dirigent Haitink aansprak met de woorden “ik moest zo huilen”, antwoordde de maestro “dan heeft u er niets van begrepen”.  Zelf hebben wij in enige schouwburg, operahuis of concertzaal nooit een traan gelaten, maar goed, wij zijn dan ook een fossiel van vóór de Mammoetwet en hebben nooit begrepen wat “dicht bij jezelf blijven”  nu eigenlijk betekent.

Kolja
Kolja. Foto: Ben van Duin.

Francis van Broekhuizen, de Brigitte Kaandorp van de opera met als motto “bij twijfel hard zingen”, die in Kolja een hoofdrol zingt,  is een van de verraders van de klassieke muziek en met name van het vak van dirigent door in de jury van het dystopische Maestro zitting te nemen.  Een onvergeeflijke faux-pas. Van Broekhuizen is ook van mening dat zij met haar gedoe (“ik ben me er eentje”)  de drempel voor opera wil verlagen en dat muziek er is om te verbinden.  Wij van Opera Gazet zijn van mening dat de drempel voor opera aanzienlijk hoger gelegd moet worden, gezien de storende hoeveelheid huppelkutjes en kakkertjes die een “sjampie” nuttigen tijdens de pauze van Lucia di Lammermoor en operabezoek beschouwen als een fashion statement.  Laat ze naar Spanga ophoepelen, daar is hun onbegrip uitstekend op zijn plaats. En qua verbinden, dat laten wij liever over aan de EHBO-post in uw woon- of verblijfplaats.

Allemaal niet best dus, de term “ongelukkig gesternte” borrelt in ons denkraam op.

Kolja
Kolja. Foto: Ben van Duin.

Dan maar naar het libretto. De opera en of “muziekvoorstelling” is gebaseerd op Arthur  Japins roman Kolja, een tekstueel overdadige poel van uitroeptekens en itererende  dramatiek, van tegeltjeswijsheden en  filosofische citaten die na verloop van (veel) tijd uiterst vermoeiend zijn. De dove Kolja en Tsjaikovski’s broer Modest praten beiden in de eveneens vermoeiende Japin-stijl. Het taalgebruik is onbegrijpelijk  formeel en doorspekt met 300.000 Russische namen, voor alles en iedereen wat maar voor een Russische naam in aanmerking komt, zodanig dat alleen wijlen professor Karel van het Reve er chocola van had kunnen maken. Er komt geen eind aan het boek, en in dat opzicht heeft het een niet te ontkennen overeenkomst met de dienovereenkomstige “muziekvoorstelling”-versie c.q. opera.

Nikolaj “Kolja” Konradi was zo doof als Jules de Corte, en Modest Tsjaikovski, broer van  Pjotr Iljitsj Tsjaikovski, was inderdaad de opvoeder en leraar van Kolja. Pjotr stierf in 1893 in Sint-Petersburg, de officiële doodsoorzaak was cholera.  Japin volgt in zijn boek de omstreden door musicologe Alexandra Orlowa geïntroduceerde theorie dat Tsjaikovski gedwongen werd tot zelfdoding vanwege zijn homoseksualiteit. Andere biografen hebben deze gang van zaken krachtig weersproken. Dat de jonge Kolja na de dood van de componist in drie dagen als een detective een onderzoek instelt komt uit de duim van de auteur.

Al deze voorkennis mocht ons natuurlijk niet in de weg staan om de muzikale Kolja  onbevangen tot ons te nemen, en hoewel -eerlijk is eerlijk- wij deze keer wat minder geschraagd werden door een positieve grondhouding, slaagden wij er onzes inziens goed in buitenmuzikale factoren buiten de deur te houden, daarin gesterkt door talloos veel miljoenen bezoeken aan het DNO-gruwelpaleis aan de Amstel. Een duwtje in de rug kregen wij van onze voorpret om Peter Bording weer eens in Nederland aan het werk te mogen zien; binnen de operawereld wordt hij zeer hooglijk gewaardeerd, maar bij het brede publiek is hij minder bekend omdat hij een groot deel van zijn indrukwekkende carrière in het buitenland, met name Duitsland en Oostenrijk, heeft opgebouwd. Hij is een ‘theatrale alleseter’ die moeiteloos schakelt tussen opera, operette en musical en dat moeten we in Nederland natuurlijk niet hebben. Maar onder directe vakgenoten en operakenners is Peter Bording een gevestigde en gerespecteerde naam. Weinig konden wij vermoeden dat Peter Bording zich wegens naweeën van een verkoudheid zich bij de première stimmlich moest laten vervangen en zijn rol alleen nog maar kon mimen/ acteren. Zuur. Vooral voor hem.

Na deze inleiding, een ceviche-achtige amuse, tot aan oneetbaarheid opgestookt met citroen en pepers, slaan wij het voorgerecht maar over en vallen wij meteen aan op het hoofdgerecht: de voorstelling!

Kolja
Kolja. Foto: Ben van Duin.

Aylin Sezer en Huub Claessens

En die voorstelling, die was fantastisch; een hoogkwalitatief samenspel van componist, regisseur en solisten.  Te beginnen met de uitblinkers, nu Peter Bording door pure pech niet voor een medailleplaats in aanmerking komt: Aylin Sezerin in een dubbelrol als Alina Ivanovna, de biologische moeder van Kolja, én als Rosa Hugentobler-Zuberbühler, Kolja’s spraakdocent. En Huub Claessens als Modest Tsjaikovski. Om met de laatste te beginnen: Claessens schonk ons een perfecte Modest Tsjaikovski.  Claessens warme bas-bariton blinkt uit door een intens expressieve tekstbehandeling en een unieke timing die het verhaal écht tot leven brengen, met meesterlijke dictie en interpretatie.

Aylin Sezer

Hoewel Aylin Sezer enkele bedenkelijk Spanga-antecedenten heeft, wist zij als moeder van Kolja  een diepe, moederlijke tederheid over te brengen die prachtig contrasteert met of past in (het is maar hoe je het bekijkt) de dramatische partituur. Zij vormt een cruciale spil in de emotionele ontwikkeling van de jonge Kolja. Belangrijker: wat een prachtige stem. Een lyrisch hoogtepunt.

Dan even fast forward. De jonge tenor Olivier Kemler (Kolja) moet nog stappen maken; intonatie en toonvastheid waren het probleem. Het mannenkoor van vóór de pauze was niet om aan te horen. Nough said.

Francis van Broekhuizen was helaas de echte bémol van deze voorstelling.  Met haar monotone forte balanceert zij op de grens van “niet zo mijn smaak” en mag-ik-mijn-jas-en-mijn-hoed irritatie. Over irritatie gesproken: haar “R” (Rotterdams?) is onuitsprekelijk vermoeiend, als zij het woord “broeder” zingt is Corry van Gorp nooit ver weg.

Kolja
Kolja. Foto: Ben van Duin.

De regie van Jeroen Lopes Cardozo was briljant, een inventieve en sfeervolle verbeelding van het verhaal. Absoluut een van de beste regies die wij de laatste veertig jaar In Nederland mochten aanschouwen. Oneindig veel kudos voor Jeroen Lopes Cardozo.  De muziek van Bob Zimmerman was al even briljant (jammer dat er geen spetterende ouverture was), zoals wij van hem gewend zijn, geheel in dienst van het verhaal, met een speels Tsjaikovski-citaat. Van hogerhand werd ons voorgehouden dat wij in dit citaat Symfonie #6 van Tsjaikovski moesten herkennen, maar wij hoorden de intro van de Briefaria uit Jevgeni Onjegin. Stupid us. Wij hebben het natuurlijk niet bij het rechte eind: ons denkraam is tochtig geworden en veel weten is er uitgewaaid.

Samenvattend kunnen wij vaststellen dat Kolja een prachtige (wat aan de lange kant zijnde) productie is, die meer verdient dan rond te toeren in het (met alle respect) DeLaMar-circuit. Voor zulke belangrijke opera’s hebben wij in Nederland een groot operahuis.

Olivier Keegel

Posts from overseas
5 1 vote
Article Rating
Olivier Keegel

Editor-in-Chief

Chief Editor. Does not need much more than Verdi, Bellini and Donizetti. Wishes to resuscitate Tito Schipa and Fritz Wunderlich. Certified unmasker of directors' humbug.

No Older Articles
No Newer Articles
Subscribe
Notify of
guest
0 Comments
Newest
Oldest Most Voted